Alimentatie stijgt elk jaar verplicht mee met de wettelijke indexering. Per 1 januari 2026 is dat 4,6%. Maar wie moet dat doorvoeren, en wat als je het vergeet?

De wettelijke indexering van alimentatie is geregeld in artikel 1:402a van het Burgerlijk Wetboek. De wet bepaalt dat alimentatie elk jaar automatisch mee stijgt met een percentage dat de overheid jaarlijks in november vaststelt. Het percentage is gebaseerd op de loonontwikkeling in Nederland.
De indexering geldt voor alle alimentatiebedragen die zijn vastgesteld na 1 januari 1992. Tenzij partijen expliciet hebben afgesproken de indexering niet toe te passen (wat zelden voorkomt), is de jaarlijkse verhoging verplicht.
| Jaar | Indexeringspercentage |
|---|---|
| 2026 | 4,6% |
| 2025 | 3,4% |
| 2024 | 5,7% |
| 2023 | 3,4% |
| 2022 | 1,9% |
Niemand stuurt je een bericht als de indexering ingaat. De betaler moet de verhoging zelf per 1 januari doorvoeren. Het nieuwe bedrag bereken je zo: oud bedrag vermenigvuldigd met (1 + indexeringspercentage).
Voorbeeld: een alimentatie van €500 per maand stijgt per 1 januari 2026 naar €500 × 1,046 = €523 per maand. Pas de automatische overschrijving aan voor 1 januari en zet een jaarlijkse herinnering in je agenda voor december.
Vergeten indexering kan tot vijf jaar terug worden teruggevorderd door de ontvanger. Dat kan flink oplopen. Stel dat de indexering vijf jaar lang niet is doorgevoerd: het verschil tussen het huidige en het correct geïndexeerde bedrag, vermenigvuldigd met 60 maanden, geeft de totale schuld.
Als ontvanger: houd de indexering bij. Als betaler: zorg dat je het elk jaar doorvoert. Beide partijen hebben hier belang bij.
Het rapport van Tweehuizenhulp bevat een vijfjarige indexeringsprognose.
Ontvang het volledige rapport voor €29Het rapport van Tweehuizenhulp bevat een tabel met de verwachte alimentatie voor de komende vijf jaar, op basis van het huidige indexeringspercentage. Zo weten beide ouders precies welk bedrag ze de komende jaren kunnen verwachten. Dit maakt het gesprek over de afspraken eenvoudiger.
Ja, de wettelijke indexering geldt voor alle alimentatiesoorten, inclusief partneralimentatie. Het percentage is hetzelfde als voor kinderalimentatie.
In theorie kunnen partijen afspreken de indexering niet toe te passen, maar dit moet expliciet zijn vastgelegd. Bij twijfel geldt de wettelijke indexering altijd.
Het indexeringspercentage voor het volgende jaar wordt elk jaar in november bekendgemaakt door de overheid. Het percentage voor 2027 wordt dus in november 2026 gepubliceerd op rechtspraak.nl.
Ja. Als je de alimentatie wilt wijzigen, is het uitgangspunt het bedrag inclusief alle tot dan toe doorgevoerde indexeringen. Vergeten indexering moet dus alsnog worden meegenomen.
Per 1 januari 2026 is de wettelijke indexering vastgesteld op 4,6%.
Ja. De indexering gaat niet automatisch. De betalende ouder moet zelf het nieuwe bedrag berekenen en per 1 januari doorvoeren.
Ja, tot vijf jaar terug. Als de betaler de indexering niet heeft doorgevoerd, kan het verschil over vijf jaar worden teruggevorderd.
De ontvanger kan het LBIO inschakelen of naar de rechter gaan om de betaling af te dwingen.
Vermenigvuldig het huidige bedrag met 1,046 voor 2026. Voorbeeld: €500 × 1,046 = €523 per maand.
Nee. De indexering is gelijk aan de loonontwikkeling, die elk jaar varieert.
Ja. Zowel kinder- als partneralimentatie worden jaarlijks geïndexeerd met hetzelfde wettelijke percentage.
Dan geldt die afspraak. Standaard geldt de wettelijke indexering tenzij anders overeengekomen via notarieel convenant.
Doorgaans in november, gepubliceerd door het CBS en in het Staatsblad.
Ja, de indexering geldt voor elk bedrag. De procentuele stijging is gelijk ongeacht de hoogte.
In 2020 is de kinderalimentatie vastgesteld op €400 per maand. Met alle jaarlijkse indexeringen is dat in 2026 opgelopen tot €483 per maand (2021: +1,4%, 2022: +1,9%, 2023: +3,4%, 2024: +5,9%, 2025: +2,0%, 2026: +4,6%). Als de indexering nooit is doorgevoerd, heeft de ontvanger recht op terugvordering over vijf jaar: circa €4.200 totaal. Stel een jaarlijkse herinnering in voor januari.
De berekening volgt de standaardmethode. In de volgende situaties kan de uitkomst afwijken:
Gratis indicatie in vijf minuten. Geen e-mail nodig, geen account.